Pierre de Ronsard

Biographie de Ronsard – Ode à Cassandre – J’ai l’esprit tout ennuyé
Biographie de Ronsard – Ode à Cassandre – Quand vous serez bien vieille
À son âme – Animula vagula blandula


Ronsard
Pierre de Ronsard werd geboren in het kasteel van La Poissonnière, niet ver van Vendôme. Zijn studies in Parijs, in het Collège de Navarre, waren middelmatig. Al erg jong belandde hij in het hofleven, eerst bij de hertog van Orléans, zoon van Frans I, en daarna bij Jacob van Schotland die naar Frankrijk was gekomen om Maria van Lotharingen te huwen. Zo bracht hij drie jaar door in Engeland, Ierland, Schotland, Duitsland en Piémont. 

Terug in Parijs moest hij het hofleven opgeven omdat hij volledig doof was geworden. Zijn handicap zou zijn roem worden. Hij sloot zich vijf jaar op in het Collège de Coqueret, waar hij bij Daurat Latijn en Grieks studeerde.

Zijn Odes de Pierre de Ronsard, Vendômois (1551) kennen een algemene waardering en betekenen voor zijn schrijver het begin van een literaire fortuin. Men begon zelfs allerhande verzinsels aan zijn biografie te breien: hij zou koningen hebben gehad bij zijn voorouders, hij zou geboren zijn op de dag van de veldslag bij Padua (zo probeerde men het Franse verlies te compenseren …), men ging zijn doofheid vergelijken met Homeros’ blindheid. De Franse koningen (Hendrik II, Frans II, Karel IX) overstelpten hem met eerbetuigingen. Hij zou trouwens hofdichter worden. De Engelse koningin Elisabeth stuurde hem een diamant, Maria Stuart las in de gevangenis zijn verzen, Torquato Tasso kwam in Parijs zijn mening vragen. Al deze lof steeg Ronsard wel enigszins naar het hoofd, en hij voelde zich behoorlijk boven zijn tijdgenoten verheven.

Toen Karel IX werd opgevolgd door Hendrik III verwijderde Ronsard zich van het hof. Hij stierf in Saint-Cosme, bij Tours, op 29 december 1585, op het toppunt van zijn roem. Zijn dood was de aanleiding tot een soort openbare rouw. Kardinaal du Perron stak een lofrede af; in alle colleges hield men ter ere van de illustere afgestorvene redevoeringen in het Latijn, Grieks, Italiaans, Frans. Zijn roem zal van korte duur zijn, en weldra zal Malherbe zijn taalgebruik gaan aanvallen.

Van zijn Odes, die in verschillende toonaarden verschillende onderwerpen behandelen, onthoudt men vooral zijn imitaties van Horatius en Anacreoon, met hun heidense sensualiteit en lofzang op het genot.

Ronsard wordt navolger van Petrarca in zijn Amours de Cassandre (1552), opgedragen aan de dertienjarige bankiersdochter Cassandra Salviati. In 229 sonnetten van tienlettergrepige verzen bezingt hij de schoonheid van Cassandra, in een wolk, soms een mist, van mythologische verwijzingen.

In twaalflettergrepige alexandrijnen zijn de sonnetten geschreven van de Amours de Marie (1556), opgedragen aan een jonge burgersvrouw.

In 1578 publiceert hij zijn Amours d’Hélène, waarin de oude dichter zijn liefde voor een jonge vrouw in verzen zet.

Zijn Élégies zijn waarachtiger van gevoel. De dichter kan een klacht uiten over een bos uit zijn kinderjaren, dat wordt omgehakt. (Evenzo echter kan hij rond dezelfde tijd koning Hendrik III oproepen om – tijdens de godsdienstoorlogen – de protestanten vooral niet te zacht aan te pakken.)

De Églogues komen ons wat gedateerd over en ontlokken een glimlach: de koningen en prinsen van het hof worden in een pastorale vermomming geduwd (Charles wordt Carlin, Henri wordt Henriot, Marguerite wordt Margot, enz.).

Ronsard werkte ook vele jaren aan een epos, La Franciade. Hierin beschrijft hij, niet in de gebruikelijke alexandrijnen maar in decasyllaben, hoe de fundamenten van Gallië/Frankrijk worden gelegd door ene Francus ofte Astyanax, de zoon van Hector, held van Troje. Ronsard maakte maar 4 van de voorziene 24 zangen af. Frankrijk, dat pas de Bartholomeusnacht had beleefd, zat er niet echt op te wachten…

De 17e en 18e eeuw hadden voor Ronsard vooral misprijzen. Hij wordt herontdekt door de Romantiek en Sainte-Beuve. Algemeen beschouwt men hem nu als de beste dichter uit de Pléiade-school. Zo onthoudt men van hem de integratie van het macabere element (dat in de 16e eeuw in heel Europa in de literatuur terug te vinden is) in de liefdespoëzie: het is belangrijk nù van het leven te profiteren, want morgen kan het te laat zijn. We vinden dat terug in deze uitroep:

Le temps s’en va, le temps s’en va, ma dame ?
Las ! le temps, non; mais nous nous en allons.

En ook in zijn beroemde "Mignonne, allons voir si la rose …". Het is dit soort gedichten, waarin Ronsard eigenlijk uit zijn rol van beroemdheid en Pléiade-coryfee valt, dat ons het meeste blijft aanspreken.


Ronsard

Pierre de Ronsard (1524-1585), Ode à Cassandre

Mignonne, allons voir si la rose
Qui ce matin avoit desclose
Sa robe de pourpre au Soleil,
A point perdu ceste vesprée
Les plis de sa robe pourprée,
Et son teint au vostre pareil.

Las ! voyez comme en peu d’espace,
Mignonne, elle a dessus la place
Las ! las ses beautez laissé cheoir !
Ô vrayment marastre Nature,
Puis qu’une telle fleur ne dure
Que du matin jusques au soir !

Donc, si vous me croyez, mignonne,
Tandis que vostre âge fleuronne
En sa plus verte nouveauté,
Cueillez, cueillez vostre jeunesse :
Comme à ceste fleur la vieillesse
Fera ternir vostre beauté.

Mijn schat, we gaan eens kijken of de roos

Mijn schat, we gaan eens kijken of de roos,
Die voor ‘t ontluiken van haar bloem dees’ ochtend koos,
Om haar purpren kleed aan de Zon te openbaren,
Misschien sinds d’avond viel zich van die luister niet ontdeed,
En tot niets zag vergaan de plooien van haar purpren kleed,
En haar kleur die daarstraks nog uw tint kon evenaren.

Helaas! Zie toch in welk kort tijdsbestek,
Mijn schat, zij hier op deze plek,
Helaas! Helaas! haar schoonheid verwelken zag!
Och, niet meer dan stiefmoederlijk zorgt voor ons de Natuur,
Als zelfs zo’n mooie bloem niet meer dan de duur
Van d’ ochtend tot d’avond in bloei staan vermag!

Wil dus, mijn schat, deze raad dan aanhoren,
Terwijl uw leeftijd nog staat te gloren
In zijn groenste bladerlof:
Pluk nù toch uw jeugd, na wat u zojuist zag,
Want als bij dees’ bloem maakt ook ùw oude dag,
Uw nu nog schitterende schoonheid dof.

Vertaling – À la française

Contrat Creative Commons
La version sonore est mise à disposition selon les termes de la Licence Creative Commons Paternité – Pas d’Utilisation Commerciale – Partage des Conditions Initiales à l’Identique 2.0 Belgique.
Page source

Creative Commons Licentie
De vertaling in het Nederlands is gelicenseerd onder een Creative Commons Naamsvermelding-NietCommercieel-GeenAfgeleideWerken 2.0 België licentie


Ronsard

Je n’ai plus que les os…

Je n’ai plus que les os, un squelette je semble,
Décharné, dénervé, démusclé, dépoulpé,
Que le trait de la mort sans pardon a frappé;
Je n’ose voir mes bras que de peur je ne tremble.

Apollon et son fils, deux grands maîtres ensemble,
Ne me sauraient guérir, leur métier m’a trompé;
Adieu, plaisant soleil ! Mon oeil est étoupé,
Mon corps s’en va descendre où tout se désassemble.

Quel ami, me voyant en ce point dépouillé,
Ne remporte au logis un oeil triste et mouillé,
Me consolant au lit et me baisant la face,

En essuyant mes yeux par la mort endormis ?
Adieu, chers compagnons ! Adieu, mes chers amis !
Je m’en vais le premier vous préparer la place.

Ik ben vel over been

Een geraamte lijk ik, ik ben vel over been,
Zonder vet, zenuwloos, zonder spier, zonder pees,
Die de pijl van de grimmige dood trof in ‘t vlees;
Bij een blik op mijn arm siddert angst door me heen.

Apolloon en diens zoon, grote meesters tezamen,
Genazen mij niet, hun emplooi was bedrog;
Vaarwel geliefde zon! Niets ziet mijn oog nu nog,
Mijn lichaam zal dra dalen naar plaatsen zonder namen.

Welke vriend die mij zo ziet, van alles ontdaan,
Keert niet weer naar huis, in ‘t oog droefheid en traan?
Na een kus op mijn hoofd, troostend woord aan mijn bed,

Veegt hij mijn ogen af, ontslapen in de dood.
Vaarwel, mijn kameraden, wat was uw vriendschap groot!
Als eerste nu ga ik, ook uw kist wordt klaargezet.

Vertaling – À la française


Contrat Creative Commons
La version sonore est mise à disposition selon les termes de la Licence Creative Commons Paternité – Pas d’Utilisation Commerciale – Partage des Conditions Initiales à l’Identique 2.0 Belgique.
Page source

Creative Commons Licentie
De vertaling in het Nederlands is gelicenseerd onder een Creative Commons Naamsvermelding-NietCommercieel-GeenAfgeleideWerken 2.0 België licentie