Frans met haar op is de benaming die in Vlaanderen in de volksmond gebruikt wordt voor het incorrecte Frans dat gesproken wordt door Nederlandstaligen die de taal nauwelijks beheersen. Andere benamingen zijn « steenkolenfrans » (naar analogie van steenkolenengels), « klompenfrans » (van toepassing op Nederlanders) en « houtje-touwtje-Frans ». In het Nederlands gesproken door Nederlanders zou de uitdrukking als « Frans met haar erop » moeten klinken.

De bekendste vorm is het letterlijk omzetten van Nederlandse in Franse zinnen, zonder te letten op grammatica. Verwarring kan ook ontstaan doordat sommige Franse collocaties in het Nederlands iets anders betekenen wanneer ze letterlijk worden vertaald.

Voorbeelden

Letterlijk vertalen

  • Je suis déménagé. (letterlijk: Ik ben verhuisd.) –> Correct Frans: J’ai déménagé.
  • Je suis vingt ans (letterlijk: Ik ben 20 jaar oud) –> Correct Frans: J’ai vingt ans.
  • C’est froid. (letterlijk: Het is koud.) –> Correct Frans: Il fait froid.
  • J’ai mal dans ma tête. (letterlijk: Ik heb pijn in mijn hoofd.) –> Correct Frans: J’ai mal à la tête.

Grammatica

Persoonlijk voornaamwoord
In het Nederlands kan het persoonlijk voornaamwoord hem zowel meewerkend als lijdend voorwerp zijn. Het Franse lui is echter uitsluitend meewerkend voorwerp. « Ik geef hem een geschenk » (hier is hem meewerkend voorwerp) laat zich correct vertalen als « Je lui donne un cadeau », maar de correcte vertaling van « Ik zie hem » (in deze zin is hem lijdend voorwerp) is Je le vois. Sprekers van Frans met haar op kunnen zeggen: Je lui vois.

Lidwoord
Het onderscheid tussen mannelijke en vrouwelijke woorden speelt in de Nederlandse standaardtaal geen rol van betekenis, en zij die dit verschil in hun dagelijkse taalgebruik wel kennen (Vlamingen, Limburgers, Twenten etc.) hebben er onvoldoende steun aan bij het Frans, omdat de geslachten lang niet altijd overeenkomen. Vandaar dat de lidwoorden un, le (mannelijk), une, la (vrouwelijk) in Frans met haar op vaak verkeerd gebruikt worden.

De onbepaalde lidwoorden un, une, des, du, de la en de l’ veranderen, behalve na een vervoeging van het werkwoord être, in de negatieve zin en na een hoeveelheid, in « de » (zie ook delend lidwoord). Veel Nederlandstaligen hebben het hier erg moeilijk mee. Zinnen als « Ik eet geen frieten » en « Er zijn veel problemen » worden in Steenkolenfrans vertaald als « Je ne mange pas des frites », « Il y a beaucoup des problèmes. Correct Frans is: « Je ne mange pas de frites » en « Il y a beaucoup de problèmes.

Humor

Onjuist Frans kan ook opzettelijk gebruikt worden om een humoristisch effect te bereiken. Over het algemeen betreft het hier Nederlandse fraseologische eenheden die letterlijk in het Frans zijn vertaald en zo een pseudo-fraseologische eenheid in het Frans vormen:

  • Allez votre corridor (Ga uw gang)
  • Nous allons un corridor. (Wij gaan een gang.)
  • N’escalier pas dans l’espoir, car elle est semaine (Trap niet in de hoop, want zij is week)
  • Snappez vous? (Snappie?)
  • Je suis chemin (Ik ben weg)
  • C’est pour savon (Het is om zeep)
  • J’en ai phrase dedans (Ik heb er zin in)
  • Je donne la pipe à Martin (De pijp aan Maarten geven)
  • Instoelez-vous (Ga zitten)
  • Sursaler avec toi (Opzouten met jou)
  • Les gens qui disent ça, doivent regarder dans leurs propres soutiens (De mensen die dat zeggen, moeten in hun eigen boezem kijken)
  • J’ai encore une montre (Ik heb nog een uur werk)
  • C’est vraiment pour bouffer sa caisse ici (Het is hier echt om uw kas op te vreten)
  • Pas un cheveu sur ma tête qui pense a ça (Geen haar op mijn hoofd dat daaraan denkt)
  • Il est tombé de son petit bâton (Hij is van zijn stokje gevallen)
  • Les autos moustachent dans la rue (De auto’s snorren door de straat)
  • C’est trop fou pour courir sans laisse (Het is te gek om los te lopen)
  • Je marche contre la lampe (Ik loop tegen de lamp)

Volgens een hardnekkig gerucht stelde de Nederlandse politica Irene Vorrink zich in Frankrijk voor als « Je suis le ministre du milieu », wat daar zoveel wil zeggen als « Ik ben de minister van de onderwereld/van het midden ». Het verhaal is onbevestigd en wordt ook toegeschreven aan Hans Alders. Vorrink heeft het zelf uitdrukkelijk tegengesproken in een interview met Frénk van der Linden in de Tijd van 25 september 1987. De juiste Franse vertaling van het Nederlandse « milieu » in de zin van « leefomgeving » is « environnement ».

De Gentse schrijfster Virginie Loveling (1836-1923) noteerde jarenlang ‘Frans met haar op’ bij de Gentse (petite) bourgeoisie. Ze verwerkte deze zinnen in een humoristische roman, ‘Levensleer’, die ze schreef samen met haar neef Cyriel Buysse (1859-1932). Enkele voorbeelden:

‘Vous me mettez joliment dans des nids, savez-vous?’ = U steekt me mooi in nesten, weet u? ‘Il ne faut pas regarder trop étroit’ = Je moet niet te nauw kijken. Ça veut justement réussir main’nant. = Dat moet nu ook juist lukken.

Nederlandse invloed op het Belgisch-Frans en het Waals

Door invloed van het Nederlands en Vlaams op het Belgisch-Frans en het Waals komen daarin ook taalconstructies voor die op het Nederlands lijken. Zo is het niet ongewoon om het volgende te horen uit de mond van Belgische Franstaligen:

« Tu viens avec au fritkot? » in plaats van « Tu m’accompagnes à la friterie? » (van « Ga je mee naar de frituur? »)
In Belgisch Frans wordt “een zwembad” vaak “un bassin de natation” genoemd i.p.v. “une piscine”.


Bron: Wikipedia.
Creative Commons Licentie
Dit werk is gelicenseerd onder een Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Unported licentie


Valse vrienden …

  • amateur –> niet « hobbyist » maar « liefhebber » (bijvoorbeeld van lekker eten)
  • appel –> niet « appel » (vrucht), maar « (hoger) beroep » of « oproep »
  • batterie –> niet « batterij », maar « slagwerk » of « accu »
  • bonbon –> niet « bonbon (chocola) » maar « snoepje »
  • brave –> niet « braaf » maar « moedig »
  • brûler –> niet « brullen » maar « branden »
  • café –> niet alleen « kroeg, bar » maar ook « koffie »
  • canard –> niet « kanarie » maar (o.a.) « eend »
  • canne –> geen « kan » maar « stok »
  • canon –> niet alleen « kanon », maar ook « loop » (van elk vuurwapen)
  • cent –> meestal niet « cent » maar « honderd »
  • champignon –> niet « champignon », maar « paddenstoel »
  • chaud –> niet « koud » maar « warm »
  • cloque –> niet « klok » maar « blaar »
  • comédien –> niet alleen « komediant », maar ook « toneelspeler »
  • conducteur –> niet « conducteur » (kaartjesknipper), maar bestuurder
  • culture –> niet alleen « cultuur », maar ook « kweek »
  • di(manche) –> niet « di(nsdag) » maar « zondag »
  • dur –> niet « duur » maar « hard »
  • endive –> niet « andijvie » maar « witlof »
  • essence –> niet « essentie » maar « benzine »
  • EU –> niet de « Europese Unie » maar de « Verenigde Staten » (États-Unis). De Europese Unie heet in het Frans « Union européene », afgekort « UE »
  • flux de bouche –> niet « spraakwaterval » maar « speekselvloed »
  • formellement interdit –> niet « formeel verboden » maar « streng verboden » (het verbod staat uitdrukkelijk in de wet en moet serieus worden genomen, de eventuele verbalisant is geen dienstklopper)
  • fut –> niet « fut » of « fuut », maar « vat » of « ton »
  • glace –> niet « glas » maar « ijs », en ook « spiegel »
  • gras –> niet « gras », maar « vet », zowel zelfstandig als bijvoeglijk
  • hier –> niet « hier » maar « gisteren »
  • horloge –> niet « horloge » maar « klok », « uurwerk » (een horloge is « montre »)
  • hôtel de ville –> niet « stadshotel » maar « stadhuis »
  • huile –> lijkt qua spelling op « huilen » en qua uitspraak op « wiel » maar betekent « olie »
  • ivre –> niet « ijver, ijverig » maar « dronken »
  • je –> niet « je » maar « ik »
  • jus –> niet een soort « saus » maar « sap »
  • lac –> geen « lak » maar « meer » (watervlakte)
  • lettre –> kan naast « letter » ook « brief » betekenen
  • location –> niet alleen « locatie » maar ook « huur »
  • M. –> meestal niet de beginletter van een voornaam maar « Monsieur, « Mijnheer »
  • ma(rdi) –> niet « ma(andag) » maar « dinsdag »
  • magasin –> niet alleen « magazijn » maar ook « winkel »
  • magazine –> niet « magazijn » maar « tijdschrift »
  • médecin –> niet « medicijn » maar « arts »
  • mer –> geen « meer » maar « zee »
  • midi –> niet « midden », « centrum », maar « zuiden » (en ook « 12 uur »), bijv: Station Bruxelles-Midi is Brussel-Zuid
  • milieu –> niet « min of meer natuurlijke leefomgeving » maar « onderwereld » of « midden »
  • mousse –> niet « moes » maar « schuim »
  • O(uest) –> niet « O(ost) » maar « West »
  • ordinaire –> niet « ordinair » maar « gewoon »
  • piéton –> niet « python » maar « voetganger »
  • pin –> niet « pin » maar « dennenboom »
  • pissenlit –> niet « pissebed » maar « paardenbloem »
  • pont –> niet « veerpont » maar « brug »
  • professeur –> niet alleen « professor » maar ook « leraar »
  • rare –> niet « raar » maar « zeldzaam »
  • rhume –> niet « rum », maar « verkoudheid »
  • sang –> niet « zang » maar « bloed »
  • service –> niet « servies » maar « dienst »
  • spectacle –> niet « spektakel » maar « voorstelling »
  • V(alet) –> (speelkaart) niet « V(rouw) » maar « Boer »
  • vent –> niet « vent » maar « wind »
  • viande –> niet « vijand » maar « vlees »
  • viol –> niet « viool » maar « verkrachting »
  • vis –> geen « vis » (in het water) maar « schroef »

Bron: Wikipedia.
Creative Commons Licentie
Dit werk is gelicenseerd onder een Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Unported licentie