EncyclopédieVerlichte filosofen waren werkzaam en terug te vinden in vrijwel alle Europese landen. Frankrijk gold evenwel bij uitnemendheid als het vaderland van wat men in die dagen als les philosophes noemde. Dit kwam ook omdat de Franse taal sedert de 17de eeuw de voertaal was van de Europese elite en de Franse cultuur in alle landen van Europa vlijtig werd nagebootst. De Franse verlichte filosofen genoten om die redenen dan ook grote bekendheid in heel Europa, terwijl b.v. zeer originele Engelse denkers minder aan bod kwamen.

Een zeer belangrijke rol in de verspreiding van de verlichte ideeën speelde de Franse Encyclopédie ou Dictionnaire raisonné des sciences, des arts et des métiers.

In 1746 ontving Denis Diderot (1713-1784), Frans auteur, van de uitgever-drukker Le Breton de opdracht een encyclopedie samen te stellen. Dit soort naslagwerken kende in de 18de eeuw een groot succes. Eerst dacht men aan de vertaling van een Engelse encyclopedie. De uiteindelijke beslissing om toch een autonome Franse encyclopedie te schrijven is van wereldhistorisch belang. Diderot krijgt de hoofdredactie toegewezen. Hij zoekt een schare medewerkers. Zijn co-directeur werd D’Alembert (1717-1783), in zijn tijd een befaamd wiskundige. Het werk krijgt aanvankelijk de officiële goedkeuring van de Franse koning. Toch krijgt de censuur de opdracht erop toe te zien dat er geen artikels in voorkomen die niet stroken met de moraal en de officiële opvattingen van de kerk. Niet alleen was hij hoofdredacteur, maar hij schreef ook de geschiedenis van de filosofie, naast die van ambachten en beroepen.

In de eerste plaats wilde de Encyclopédie een allesomvattend overzicht geven van de kennis van de 18de eeuw. Het werk is een voorbeeld voor vele encyclopedieën, die nadien verschenen. Toch was er nog meer : het was een literair « kanon », gericht tegen kerk, godsdienstige onverdraagzaamheid, politieke corruptie en onderdrukking van het volk, voorts tegen bestuurders die meenden dat hun door God alle rechten gegeven waren om naar eigen dunk (en dus vaak willekeurig) het volk te besturen.

Reeds van bij het verschijnen van de prospectus rees er verdeeldheid. Op 1 juli 1751 verscheen het eerste deel. Voor- en tegenstanders kwamen in actie. De eersten werden gevonden onder de progressieve nieuwlichters die gewonnen waren voor de nieuwe redelijke ideeën. De anderen waren terug te vinden in de kerkelijke milieus. Daar begrepen ze goed op wie vele auteurs van de Encyclopédie het gemunt hadden.

Het zou niet lang duren voor de overheid in de gaten kreeg dat door het volumineuze boekwerk staatsvijandige en ondermijnende gedachten verspreid werden. Het klimaat in Frankrijk verslecht fel, als in 1757 Damiens een (mislukte) aanslag pleegt op Lodewijk XV. Men wijt die gebeurtenis aan het bestaan onder het volk van opruiende gedachten en het bestaan van allerlei tegen de koning en de monarchie gerichte geschriften. De censuur wordt verscherpt. Ook de Encyclopédie valt onder de censuur. De publicatie ervan wordt gestaakt. Vele medewerkers kiezen het zekere voor het onzekere en treden uit de redactie. Diderot blijft evenwel rotsvast in de onderneming geloven.

Op 8 maart herroept het Parlement van Parijs het privilege van de Encyclopédie. Zij kan niet verschijnen. De publicatie gaat evenwel in Zwitserland verder. In 1772 is het laatste deel voltooid. In plaats van de 10 aangekondigde delen werden het uiteindelijk 17 delen tekst en 11 delen illustraties. De voornaamste kerkelijke tegenstanders, de jezuïeten, hebben de slag verloren. In 1762 moesten zij overigens Frankrijk verlaten, weliswaar onder invloed van andere gebeurtenissen.

De Encyclopédie bracht niet alleen een synthese van alle nieuwe ideeën maar ook de stand van zaken in alle wetenschappen, kunsten en ambachten.

Van groot belang voor de verspreiding van de Verlichting waren eveneens de ontmoetingen en discussies in de salons van de adel, in de eerste cafés of koffiehuizen (Parijs telde er in 1720 reeds een vierhonderdtal) en door de snelle ontwikkeling van het uitgeven van kranten en boeken. Vele werken werden in Holland of in Genève uitgegeven, vaak anoniem, en clandestien verspreid in Frankrijk. Een echte leeswoede maakte zich meester van de intellectuele elite : in de 18de eeuw ontstond de “publieke opinie”.


Creative Commons License
Op bovenstaand artikel is een Creative Commons Licentie ‘Naamsvermelding – Niet-Commercieel – Gelijk Delen 2.0’ van toepassing. Deze licentievorm maakt gratis gebruik in een onderwijscontext (non-profit) mogelijk.
Auteursrechten van dit artikel.