Marguerite Yourcenar is het anagram en het pseudoniem van de schrijfster Marguerite Cleenewerck de Crayencour (Brussel, 8 juni 1903 – Mount Desert Island, 17 december 1987).

Wanneer men van het leven houdt, onder al zijn vormen, niet alleen die van het heden, maar misschien vooral die van het verleden – dat zo immenser is dan de korte tijdspanne die elke dag als de trede van een roltrap onder je voeten wegschuift – dan wordt het vanzelfsprekend dat men veel leest. Maar dat lezen geschiedt dan niet zozeer met voorbedachten rade, met het oog op een bepaald doel, het interesseert op zichzelf. Of zoals Flaubert zei: « Lire afin de vivre ».

De auteur, dochter van een Belgische moeder van Belgische adel (Fernande de Cartier de Marchienne), en een Franse hoog-burgerlijke vader uit de Nord (Frans-Vlaanderen) (Michel Cleenewerck de Crayencour), werd vrij jong wees. Haar moeder overleed kort na haar geboorte en haar vader voedde haar op buiten het reguliere schoolsysteem. Hij leerde haar moderne talen en Latijn. Zij bewonderde haar vader om zijn zin voor avontuur, zijn weetgierigheid en zijn non-conformisme. De beste vriendin van haar moeder, de auteur Jeanne de Vietinghoff werd haar tweede moeder en groot voorbeeld voor Marguerite.

Ze debuteerde als schrijfster met Alexis ou le traité du vain combat in 1929, het jaar waarin zij haar vader verliest.

Dankzij de erfenis van haar moeder bereisde zij mediterrane landen. In 1939, bij de opkomende oorlogsdreiging, vertrok zij op uitnodiging van de vertaalster Grace Frick naar New York, waar zij tot 1953 docente vergelijkende literatuurwetenschap aan het Sarah Lawrence College was. In 1947 verwierf zij het Amerikaans staatsburgerschap. In 1950 kocht zij samen met Grace een houten landhuis, Petite Plaisance, in het plaatsje Northeast Harbour op Mount Desert Island aan de kust van Maine, dichtbij de Amerikaans-Canadese grens. Dit is een plaatsje waar men verbonden met de natuur leeft en waar het zeven maanden per jaar streng wintert. Het landhuisje was « modeste, mais géable, accueillant sans apprêt, bourré de livres ». Het is nu ingericht als museum.

Aldaar schreef zij het belangrijkste gedeelte van haar oeuvre. Door haar eruditie kon zij, steunend op haar rijke cultuurhistorische kennis, haar geliefde thema’s vormgeven: zelfstandig en kritisch aanwenden van de rede en een humanistisch geloof in de mens. In keizer Hadrianus (76-138 na Chr.), de alchemist Zeno en haar eigen vader komen deze deugden tot leven in haar literair werk. In 1951 verscheen de biografische roman Mémoires d’Hadrien, waarmee zij meteen ook grote bekendheid verwierf. Voor L’Oeuvre au noir (1968) kreeg zij de Prix Femina. In 1974 en 1977 verschenen Souvenirs pieux en Archives du Nord, verwijzend naar de familiegeschiedenis van haar ouders. Over de schrijfster zelf komen wij niet veel te weten, want aan het einde van het tweede deel is de auteur amper zes weken oud.

Haar levensgezellin Grace Frick, hospes comesque of gast en gezel, overleed in 1979. Daarna ging zij weer reizen, tot aan haar dood in 1987. Quoi? L’Eternité, het laatste deel van de trilogie Le Labyrinthe du Monde verscheen postuum.

In 1980 was Yourcenar de eerste vrouw die in de toen 345 jaar oude Académie française als lid werd toegelaten. De Franse criticus Matthieu Galey publiceerde naar aanleiding van haar verkiezing een aantal gesprekken met de auteur, die gebundeld werden in het boek Les yeux ouverts (1981).

De schrijfster reveleerde veel over de wijze waarop haar boeken tot stand kwamen. In dit verband vertrouwde zij de wereld toe: « Mensen denken soms dat een auteur iemand is die op een zekere dag een historietje verzint en zich dan, fantaserend aan de schrijftafel zet om een heel verhaal uit zijn pen te laten vloeien. Meestal gebeurt dit echter niet zo. Men mag zelfs aannemen dat elk groot literair werk –roman of ander– of kunstwerk zonder meer, altijd een lange, gedeeltelijk ondergrondse, voorgeschiedenis heeft. Het kent de trage groei van bomen en planten, en wel zo dat heel die groei en maturatie blijvend tot de substantie van het boek of kunstwerk behoren ».

Het lijkt er op dat deze stelling onder meer betrekking had op haar eerste roman, Alexis ou le Traité du vain combat. De roman Alexis is een lange brief van een gerenommeerde musicus die aan zijn vrouw zijn homoseksualiteit opbiecht en zijn voornemen te kennen geeft haar te verlaten in een geest van waarheid en vrijheid.

Maar de onthulling was zeker van toepassing op haar in de ik-persoon geschreven boek Mémoires d’Hadrien over het leven van deze keizer uit de tweede eeuw. De auteur werkte zich eerst zeer grondig in de materie in. Verder zei ze: « Je crois qu’il faut s’imprégner complètement d’un sujet jusqu’à ce qu’il sorte de terre, comme une plante bien arrosée. » De eerste twee versies gingen integraal de prullenmand in. Daarna stond de keizer Hadrianus haar helder genoeg voor de geest om met de definitieve romancompositie aan te vangen. Het proces duurde drie jaar met daarna de tekstafwerking met weglatingen tot de gewenste vorm ontstaat, net zoals een beeldhouwer te werk gaat. « A la troisième ou la quatrième révision… je supprime tout ce qui peut être supprimé » getuigt Yourcenar over de moeizame arbeid van het schrijven.

Bron: Wikipedia

Creative Commons Licentie
Dit werk is gelicenseerd onder een Creative Commons Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Unported licentie


Publicités