Chrétien de Troyes (ca. 1135-1183) was een Frans schrijver en dichter. Hij was de pionier van de hoofse roman en wordt ook beschouwd als grondlegger van de Arthurliteratuur zoals we die tegenwoordig kennen.

Over zijn leven is weinig bekend. Tussen 1160 en 1181 woonde hij in Troyes, waar hij als hofdichter in dienst was van Maria, de hertogin van Champagne, een dochter van Eleonora van Aquitanië. Later was hij aan het hof van Filips van de Elzas, graaf van Vlaanderen, die hem stof leverde voor zijn graalroman.

Hij schreef vijf ridderromans rond het Arthurthema: Érec et Énide, Cligès, Lancelot, Yvain (‘Ywain of De ridder met de leeuw’) en Perceval ou le conte du Graal (onvoltooid). Zijn romans zijn vanaf het begin van de 13e eeuw veel vertaald en nagevolgd. Onbekend zijn de bronnen waaruit hij zelf inspiratie heeft geput. Wel is duidelijk dat hij veel belangstelling toonde voor het leven en de liefde aan het hof. Ook heeft hij werk van Ovidius vertaald of bewerkt. Onder andere Guillaume de Lorris werd door hem geïnspireerd voor diens Roman de la Rose.

Bron: Wikipedia

Creative Commons Licence